Het schilderij “Portrait of a Lady” van Giuseppe Vittore Ghislandi werd al jarenlang gezocht door journalisten van het dagblad AD. Via een tip kwamen ze achter de huidige locatie van het werk. Volgens een Argentijnse onroerendgoedwebsite hing het schilderij “eenvoudigweg” aan de muur van een appartement dat eigendom was van de dochter van de prominente nazi-functionaris Friedrich Kadgien.
Het schilderij in olieverf was in het bezit van een joodse kunsthandelaar in Amsterdam, genaamd Goudstikker. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kochten hooggeplaatste nazi's, waaronder Rijksmaarschalk Göring, de collectie tegen belachelijk lage prijzen op nadat de eigenaar, Jacques Goudstikker, omkwam bij een ongeluk tijdens zijn vlucht voor de nazi's. Friedrich Kadgien, financieel adviseur van Göring en fervent nazi, verwierf het portret van de Italiaanse gravin Colleoni.
Na de oorlog vluchtte hij naar Zuid-Amerika en nam het schilderij mee.Volgens de NOS kwam de zoektocht naar de foto in 1946 in Zwitserland tot stilstand. Dankzij moderne technologie is het kunstwerk na acht decennia op verrassende wijze eindelijk teruggevonden.
Zoektocht naar kunst
Er zijn verschillende pogingen ondernomen om contact op te nemen met de dochters van Kadgien, die in 1978 in Buenos Aires zijn overleden. Zij hebben echter niet gereageerd op verzoeken om een interview. Maar het gestolen schilderij was te zien toen een van hen haar huis te koop aanbood.
De AD werd door adviseurs van het Nederlands Instituut voor Cultureel Erfgoed geïnformeerd dat zij zeker zijn van de authenticiteit ervan. Volgens Annelies Kool en Perry Schrier is er op basis van foto's “geen enkele reden denkbaar waarom dit een replica zou zijn”. “De afmetingen lijken overeen te komen met de kennis die we momenteel hebben.”
Wat doet de familie?
De familie Goudstikker is van plan het schilderij terug te vorderen. Na de oorlog kon de familie werken van wijlen Goudstikker terugkrijgen nadat zij met succes een rechtszaak tegen de Nederlandse staat had aangespannen. In 2006 werden 202 kunstvoorwerpen, waaronder enkele meesterwerken uit Nederlandse instellingen, aan de familie teruggegeven.
Deskundigen van het Centraal Bureau vrezen dat als de dochters van Kadgien niet meewerken, de zaak weer een langdurige procedure zal worden.